Persbericht juli 2008

Rechter beraadt zich op zaak St. Bankrente Terug versus ABN AMRO

ABN AMRO: valutering maatschappelijk aanvaard

GENDT - Na, door de bank aangevraagd, uitstel heeft ABN AMRO op de laatste dag van de gestelde termijn haar conclusie van antwoord aangeboden bij de rechtbank. Het zijn de voorhoedes van een rechterlijk treffen. Al op 19 maart jl. dagvaardde Stichting Bankrente Terug de bank. De strijd van David tegen Goliath is daarmee ontketend. Inzet is teruggave van valuteringkosten. Gebrek aan transparantie als het gaat om kostendekking, inconsequente doorvoering en strijdig met eigen regelgeving zijn de argumenten van de Stichting.

De ABN AMRO bank stelt in haar antwoord aan de rechtbank dat valutering een erkend prijsinstrument is, algemeen maatschappelijk aanvaard en dat de bank recht heeft op deze vergoeding voor de redelijke kosten die zij maakt bij het uitvoeren van betalingsverkeer. Daarmee betwist de bank elke vordering die de Stichting Bankrente Terug neerlegt.

Sluipkosten
"Letterlijk ongerijmd", reageert een verontwaardigde Edward Bastiani, oprichter en voorzitter van de Stichting Bankrente Terug. "Iedereen die individueel klaagt over de kosten van valutering krijgt deze van de bank teruggestort. De mensen die deze sluipkosten niet zien, moeten dus voor de kostendekking van de bank zorgen. En als alles dan zo rechtmatig is, waarom dan die teruggave van de geheven valutering?"

Ondoorzichtig
Rob van Dijk, advocaat van de Stichting Bankrente Terug, zet juridisch nog even de puntjes op de i: opmerkelijk is dat de ABN AMRO op haar eigen website juist tips geeft om valutaire roodstanden te voorkomen. "Ik vraag mij daarom af hoe valide het argument van de Bank is dat zij valutering hoognodig moet hanteren ter dekking van de kosten van het betalingsverkeer". "Vreemd ook", vervolgt Van Dijk, "dat de klant in geen enkel tarieven- of renteoverzicht van de ABN AMRO bank iets kan lezen over valuteringkosten. De sinds 1999 bestaande valuteringbrochure wordt niet actief aan de klant verstrekt of toegelicht. De hoogte van de valuteringkosten blijkt niet duidelijk uit de folder. Ook uit de ingewikkelde renteoverzichten kan de gemiddelde klant diens valuteringkosten niet destilleren".

10 miljard onzichtbaar
Reden voor oprichting en de daarop volgende aanklacht van de Stichting Bankrente Terug is het heffen van rente over niet bestaande debetstand. Deze debetstand wordt door de ABN AMRO bank en nog een aantal banken administratief in het leven geroepen onder de term valutering. Die valutering levert de betreffende banken veel geld op. Volgens beramingen tot 10 miljard per jaar. Vooral bij overboeking van grote bedragen, zoals voor aankoop van een huis, auto of boot, kunnen de valuteringkosten voor particulieren ongemerkt hoog oplopen. Bedrijven met regelmatige overboekingen van grote bedragen lopen in de tienduizenden euro's schade op per jaar.


"Als valuteringkosten kosten zijn voor het betalingsverkeer, waarom moet een bank deze dan niet verantwoorden onder het kopje winst/verlies op kosten, maar mogen deze worden weggemoffeld onder rente-inkomsten? Waarom niet zichtbaar?", vat Edward Bastiani zijn grootste grief tegen de handelswijze van de ABN AMRO bank ten aanzien van valutering samen.

Digitale versnellingsfactor
Over de exacte hoogte van valutering blijft men gissen. Meest geciteerde en recente rapport hierover is het McKinsey Rapport. Doel was duidelijkheid te verschaffen in de winstgevendheid van betalingsverkeer voor de banken. Let wel, het gaat hier om een rapport voor- en aangevraagd door het bankwezen.

In alle bijlagen, bij de conclusie van antwoord van de ABN AMRO bank en in het Mc Kinsey Rapport, wordt uitgegaan van de logische volgorde: Verevenen, bijboeken, rentedatum. De ABN-AMRO praktiseert een andere volgorde, te weten eerst bijboeken, dagen daarna verevenen en daarna de rentedatum. Een minuscuul verschil, doch goed voor een factor 60 ten opzichte van het rapport (1 dag wachten tegen 0,25% of 1 dag rood staan tegen 15% + eventueel provisie). Ook wordt nergens de connectie gelegd met de gewijzigde doorloopsnelheid van geld.
Tot de eeuwwisseling ging een overschrijving via een batchverwerking de dag volgend op. Online verwerking in combinatie met eerst bijboeken en daarna verevenen, zorgt echter voor het direct beschikbaar stellen van een bedrag bij de volgende partij, die op haar beurt ook dezelfde dag weer kan overschrijven etc. Dit levert een minimale versnellingsfactor van 3 op. Eerder genoemde punten toegepast op de 60 miljoen van het McKinsey rapport leert ons dat het jaarlijks zeer duidelijk om meer dan 10 miljard gaat. Het is dus letterlijk niet voor niets dat de banken deze kosten niet zichtbaar maken via de winst- en verliesrekening. Ook het controlerende orgaan DNB weigert überhaupt antwoord te geven op de simpele vraag waarom een post die door de banken wordt opgevoerd als noodzakelijke kosten voor betalingsverkeer niet zichtbaar als kostenpost wordt opgevoerd. Zowel controlerende brancheorganen als DNB en AFM als politiek Nederland wachten de rechterlijke uitspraak af.

Europese wetgeving heeft al eerder een standpunt ingenomen en verbiedt valuteringpraktijken per november 2009. "Omdat rekenregels niet duidelijk zijn vastgelegd, laat deze regelgeving ruimte voor de banken om te blijven schuiven met administratieve data," aldus voorzitter Bastiani van Stichting Bankrente Terug. De Stichting wil bovendien de onterecht geheven gelden over de afgelopen jaren simpelweg terug zien vloeien naar diegenen die het betaalden: de klanten. "Dus simpelweg u en ik", aldus Bastiani. Die er voorts op wijst dat de geschrokken banken zich er nu al op beroepen niet verder terug te willen kijken dan 12 maanden in plaats van tot 1999. Als reden geven zij de klachtentermijn op van genoemde 12 maanden.


terug naar overzicht