De Stichting Bankrente Terug bestrijdt valutering op meerdere gronden.
Allen hebben in meer of mindere mate betrekking op de volgende feiten.
Met uitzondering van de meest banken zelf wordt valutering in het algemeen
bestempeld als een niet transparante prijszettingsmethode die nadelig is
voor consumenten. De valuteringsregels zijn geen onderdeel van de overeenkomst
en de algemene voorwaarden van ABN AMRO en
ABN AMRO heeft haar rekeninghouders evenmin actief hierop gewezen.
A. Als eerste stelt de Stichting dat valutering onrechtmatig is omdat het:
in strijd is met normen vermeldt in de Wet toezicht kredietwezen;
Het betreffen hier de artikelen inzake (misleidende) informatie die ABN AMRO
overtreedt in strijd is met algemeen betamelijk geachte maatschappelijke (zorgvuldigheids)normen;
De algemene publiek opinie beschouwt valutering als ‘oneerlijk afpakken van haar geld’.
Ook de politiek vindt dat de consument wordt benadeeld met als sluitstuk
de Europese richtlijn die valutering (per ultimo 1-11-2009) verbiedt omdat het ontransparante prijszetting is.
Als laatste stellen eisers hier sprake is van misleidende reclame;
Misleidend en onrechtmatig - in de zin art. 6:162 BW jo. 6:194 BW - is het onvolledig geven van informatie.
B. Mocht valutering wel rechtmatig zijn dan stelt de Stichting dat de ABN AMRO
valutering(regels) geen onderdeel zijn (geworden) van de betaalrekeningovereenkomsten
van ABN AMRO. Ten eerste betreft valutering een zogenaamd kernbeding dat expliciet in
de overeenkomst zelf (en niet in de algemene voorwaarden) moet worden afgesproken
hetgeen niet is geschied.
Ook indien valutering – niet als kernbeding maar – als (algemene) voorwaarde wordt
beschouwd is het niet van toepassing op de betaalrekeningovereenkomsten omdat
ABN AMRO valutering simpelweg niet in haar (algemene) voorwaarden heeft opgenomen.
C. Vervolgens stelt de Stichting dat, zelfs in het geval dat geoordeeld zou worden dat valutering wel als één van
de (algemene) voorwaarden van de betaalrekeningovereenkomsten kan gelden, bij de totstandkoming van die
overeenkomsten sprake is van dwaling. ABN AMRO heeft bij de totstandkoming van de betaalrekeningovereenkomsten
ten onrechte verzwegen dat zij daarop valutering toepassen. Zou de consument hierop zijn gewezen dan zou zij de overeenkomst
mogelijk niet met ABN AMRO zijn aangegaan. Immers gezien het ruime aanbod van bankinstellingen zijn de kosten van een
bankproduct essentiële informatie voor een keuze tussen die bankinstellingen en bankproducten.
D. Als laatste stelt de Stichting dat, als valutering wel een (rechts)geldig (tot stand gekomen) voorwaarde zou zijn
van de betaalrekeningovereenkomsten, ABN AMRO toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van die
betaalrekeningovereenkomsten (wanprestatie). ABN AMRO heeft door haar handelen c.q. nalaten
- in het kader van valutering - de bijzonder zorgplicht die zij als financiële (bank) instelling heeft niet in acht genomen.
Het betreft hier zowel precontractuele als contractuele zorgplicht die wordt geschonden.
Daarnaast overtreedt ABN AMRO structureel de eigen valuteringsregels zoals die in haar valuteringsbrochure staan vermeld.
Kortom, Stichting Bankrente terug vindt dat de valutering van de ABN AMRO om meerdere redenen geen stand kan houden.